Café MijnDenHaag*, maart 2017 Haags Historisch Museum.

Hoe werkt het?

De Riboet methode met de Verhalenkast wordt ingezet in opdracht van musea of festivals en soms op eigen initiatief. In nauw overleg met de opdrachtgever wordt de vraagstelling en het doel van het verhalen verzamelen vastgesteld. Riboet Verhalenkunst komt vervolgens met een op maat gemaakt plan voor het doel en de locatie. Als de setting te rumoerig is om goede filmpjes te kunnen maken van de verhalen, wordt in plaats van de Verhalenkast de Vertelparasol ingezet. Dit werkt goed op festivals en evenementen en heeft meer het karakter van straatinterviews.

Door het inzetten van de Verhalenkast of Vertelparasol ontstaat reuring rond een tentoonstelling of andere bijeenkomst. Het publiek gaat actief participeren door ze te vragen: “Maar wat is eigenlijk uw verhaal rond dit thema?” Riboet spreekt een breder en groter publiek aan dan de mensen die doorgaans over de drempel van het museum komen. De mooiste filmpjes worden online gedeeld en bereiken hierdoor een nog breder publiek.

Live

Het live aspect is belangrijk bij de Verhalenkast. De vertellers nemen plaats in het omkaderde ‘venster’ van de kast om zonder voorbereiding spontaan voor het publiek te vertellen over een thema. Omdat er live publiek bij zit, voelen de vertellers zich uitgedaagd om hun best te doen en, soms na enige aansporing, hun herinneringen te delen. Dit stimuleert andere mensen uit het publiek om ook te participeren, en zo ontstaat onder leiding van presentatoren Elsbeth en Wendy ter plekke een community waarin verhalen over een onderwerp worden gedeeld en elkaar aanvullen.

Nieuwe kunst

Op basis van de verzamelde verhalen maakt Riboet, soms met hulp van externe kunstenaars, opnieuw kunstuitingen. Zodat de verhalen een breder en ander publiek bereiken en een tweede leven krijgen in theater, muziek, videokunst of poëzie. Het kan een lied zijn op basis van een filmpje, een theatrale scène, lezing of een muziekstuk of nog iets anders. Dit soort kunstuitingen brengt Riboet onder meer in theatrale avonden met de naam Café Riboet en, voor het Haags Historisch Museum, onder de naam ‘Café Mijn Den Haag’.